Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Volstrekt niet, ik heb u hier toch al weinig aan te bieden, het dorpje geeft geen conversatie. Deed u vroeger veel aan muziek?"

„Ik houd er veel van, maar leiding heb ik weinig gehad. Ik mis dat in mijn spel. Ik heb me zelf maar zoowat geoefend."

„Wat ik daar even van u hoorde was lang niet slecht. Als u soms moeilijkheden heeft, mag ik u dan helpen?"

„O, dominee, niets liever dan dat, als het u niet te.... te lastig is."

„Nee, maar u zei tegen Betje, dat sommige menschen, als ze bedroefd zijn, juist behoefte hebben aan muziek. Was het bij u zoo, had u muziek noodig?"

„Hoe meent u dat?"

„Wel juffrouw, ik ben maar bang, dat u het hier te eenzelvig heeft. Een jong meisje wil meer levendigheid, maar u is niet als andere jongemeisjes, geloof ik."

„Niet? Misschien voelde ik mij daarom niet thuis onder de proefzusters, wel onder de oudere."

„Dat kan zijn."

„Maar u behoeft nooit te denken, dat ik me niet gelukkig gevoel. Ik heb immers kleine Gerda, het kind houdt al van mij. Ik kan niet anders dan God danken, dat Hij mij deze plaats gaf. Ik ben nooit luidruchtig en al ben ik anders dan de meeste meisjes, ik ben heel gelukkig met Gerda. Maar ik wilde u al vaak iets vragen."

„En dat is?"

Sluiten