Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

miste: leiding van gedachten, van karakter, van overtuiging. Zooals ze tot hem opzag, meende ze, moest een kind tegen zijn vader opzien.

V.

Zoo vlood Lena's leven kalm-blijmoedig verder en telkens weer moest ze danken, dat God haar aan zulke stille wateren leidde en in grazige weiden verkwikte.

Drie stille jaren waren zoo voorbij gegaan en ze voelde hare taak zwaarder, maar ook heerlijker worden, nu ze in kleine Gerda een karaktertje kreeg te vormen, een sterken wil kreeg te buigen tot het goede. Dat kind voelde ze meer en meer haar eigendom worden en ze kon zich niet voorstellen, dat eene moeder door inniger band met het hare verbonden kon zijn, dan zij met „haar kindje."

En ze wist ook al die liefde noodig te hebben om Gerda's booze buien te overwinnen en haar vast willetje te buigen, niet te breken. Die liefde gaf haar macht, want als zij geen liefde gaf, hoe kon ze liefde terugvragen van het kind. En als het kind niet vreeselijk veel van tante Lenie hield, hoe zou ze dan bedroefd worden, als ze ondeugend was en niet „tante Lena's zoete Gerda" bleef. Hoe zou ze dan haar zinnetje opgeven, omdat tante's oogen haar aanzagen, alsof ze zeiden: „Gerda wil tante geen verdriet doen?" Hoe zou ze dan vragen, als ze stout

Strijd 4

Sluiten