Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

XV.

„Gerrie, scheelt er wat aan, heb je geschreid?"

De heldere oogjes vulden zich weer met tranen en zagen Basser bedroefd aan.

„Omdat tante weg gaat. Tante schreide ook."

„Tante ook, wanneer?"

„Van middag, ik wist niet, dat tante kwam, ik was alleen in den tuin, achter in, want ik was zoo droef en tante had gezegd, ik moest niet schreien maar, als ik dan aan morgen dacht, als tante mij bij tante Agaat zou brengen, dan kwamen er telkens weer traantjes in mijn oogen en toen op eens zoo veel, dat ze er uit vielen en toen ben ik hard weg geloopen achter in den tuin en toen.... toen kwam

tante en kuste me en tante zei, dat ik niet zoo

droef moest zijn, want dat ik nu met tante Agaat

naar Zeist ging om heelemaal sterk te worden

maar tante schreide zelf ook."

Basser kuste haar.

„En toen vroeg ik, waarom tante toch weg wou gaan en toen zei tante, dat tante weg moest gaan, dat ze niet blijven mocht."

„Zei tante dat? Wat zei tante nog meer?"

„Ik vroeg, of tante van u niet mocht en toen schreide tante zoo hard, dat ik bang werd en toen heb ik tante net zoolang gekust tot ze weer stil was."

„Dat was lief van je, je bent paatjes beste meisje. Paatje zal bij je in Zeist komen, anders is paatje zoo heel alleen in de pastorie."

Sluiten