Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bovenste plank gekregen en er de drabbige koffie in gepresenteerd.

Ze hadden geen woord over armoe of geld gehoord, maar als van zelf waren ze over de intreepreek gaan spreken en in Griet hadden ze den hartslag van het zelfde leven gevoeld als wat in hen was.

Ook vaak liep Elise even bij Jan Kas in, waar ze 's middags Siene in een helder jak vond zitten „om den boel knap te houden". Dan stopte ze gaten als een vuist in Jans dikke paarse kousen of lapte voor de zooveelste maal degewasschen kinderkleertjes.

De vloer was met wit zand, dat Jan van de hei haalde, bestrooid, het kofheketeltje stond gezellig te glimmen op het lichtje en Sienes oogen glommen ook. De kleine jongen speelde buiten op het erfje tusschen kippen, eenden, de geit, de poes en enkele bloemen van het tuintje. Siene Kas klaagde zelden en nooit „om te halen". Haar helder-reeë verschijning in de knap gehouden kamer deed Elise altijd prettig aan, er lag zoo'n frissche tevredenheid over haar.

De Heivelders mochten de taal van haar huis niet verstaan, zij las wel uit rommelige kamers en verslonsde kinderkleeren het karakter van de huismoeders, evenals men dat doet uit het schrift.

Ook nu ging ze er weer op uit, een pakje onder den arm, eerste kinderkleertjes, die ze genaaid had voor een vrouw, die haar achtste kleintje verwachtte. Ammerberg had zijn vrouw gezien met de peuterig kleine hemdjes van zacht katoen en zich afgevraagd

Sluiten