is toegevoegd aan uw favorieten.

Strijd

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

in een vaas zetten voor ze slap werden. Uit het raam zag ze de jongens langs het tuinhekje gaan.

„Daar ben je kaal afgekomen."

„Nou, geen cent. Dank je en dat ze er van smullen zouden, daar heb je wat aan. Maar 't is zoo erg niet. Hij had een poot gebroken en tot de markt kon hij toch niet meer voortstrompelen, daarom heeft vader hem den nek omgedraaid."

„Ik had toch liever een paar kwartjes gehad voor de kermis."

Elise wendde zich af, de bloem was vertrapt.

VI.

Ammerberg was in den ring uit preeken.

Dikwijls reed Elise mee, maar nu had ze zware hoofdpijn en wou ze liever rustig in den tuin in haar vouwstoel liggen.

Ze werd droomerig van het suizelen in het loover boven haar, het gesoem van insecten en het vogelgekweel, dat hier en daar opklonk uit het eentonig geruisch. Lang had ze liggen kijken naar het statig gewuivel der pluimige kruinen, maar nu liet ze, moe van het op en neer gewaai, de oogen toezakken.

Verbaasd, dat ze geslapen had, werd ze wakker van den schorren roep van een opvliegenden kraai

„Hé, wat heerlijk, mijn hoofdpijn is over; dan kan ik nog gauw naar de zondagsschool gaan."