Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Maar als het kan ...ik zou zoo graag voor het arme Heiveld ten zegen zijn, de nood der zielen schreit tot mij. Heer, laat het zijn, gebruik mij ook, vervul mij met Uwen Geest, die ingaat tot des menschen innerlijke zijn om levend te maken.

„„Ik blijf dicht bij den Meester.

Ën ledig wil ik zijn.""

Ik kwam in de voldoening over het mooie offer,

dat ik gebracht had en toch mijzelf had ik nog

niet gegeven. Maar ik doe het nu. Neem mij aan Heer, met alle gebrek, met alle zelfzucht. Ik behoef geen dank meer van Heiveld, ik werk voor U. Van U heb ik alles om niet ontvangen, help mij om het om niet te geven. Zonder erkenning, zonder liefde, en zoolang Gij het wilt, ook zonder zegen zal ik werken, geheel om niet, voor U. Geef Gij mij kracht."

Ammerberg vond haar bij zijn thuiskomst biddende.

Hij knielde naast haar en zoo te zamen heiligden ze zich uit hoogen reinen drang tot het werk in den Heer, dat algeheele verloochening eischt van al wat des Geestes niet is.

VII.

„Met het kind van Marks gaat het achteruit, mevrouw. Toen ik de krant wegbracht, vertelden ze het op de hoek."

Sluiten