Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

polygamie. Iedere liaan verzamelt, wanneer zijn mededingers0 dat toelaten, 5 a 7 hennen om zich heen. Hoewel hij niet minder jaloersch is dan de andere mannetjes van zijn orde en zijn mededingers zeer moedig en dapper bestrijdt, geeft hij zich geen bijzondere moeite om de gunst van zijn wijfje deelachtig te worden. Ook bij hem komen verschijnselen voor, die aan het balderen der Kuigpoothoenderen herinneren, ofschoon hij nooit in den toestand van verliefde razernij vervalt, die deze kenmerkt. Hij loopt in verschillende houdingen om de hennen heen, spreidt de vleugels uit, zet de veeren van de kuif, van de oorpluimen en van den halskraag op, verheft den staart iets meer dan gewoonlijk, doet de voor uitzetting vatbare huidaanhangsels opzwellen, acht het zelfs niet beneden zijn waardigheid eenige danspassen te maken en kraait of fluit, terwijl hij herhaaldelijk de vleugels tegen elkander slaat. Na de paring bekommert hij zich niet meer om de hennen, die over t algemeen hem meer zoeken dan hij haar, maar zwerft naar eigen goeddunken in het boscli rond, voegt zich hier soms bij andere hanen, vecht in het eerst nog wel eens met dezen of genen, maar leeft toch, als het aantal mannetjes toeneemt, niet de leden van zijn gezelschap in vrede.

De hen zoekt een stil plekje op, graaft hier een kuiltje, bedekt dit achteloos met eenige bladeren en andere nestmaterialen en begint te broeden, zoodra zij ü a 10, soms ook 12, of zelfs 15 eieren gelegd heeft. De broedtijd duurt 23 tot 26 dagen, al naar de verschillende soorten. De met dons bekleede jongen worden door de oude hen beschermd en gekoesterd op gelijke wijze als onze huishoenders dat doen. Zoolang de kleinen nog niet kunnen vliegen, blijft de moeder met hen op den grond; worden zij sterker, en kunnen zij fladderen, dan laat de kloek hen aan haar

Sluiten