Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

3. Levenswijze.

De beste beschrijving van de levenswijze van den wilden Kalkoen danken wij aan Audubon.

Zij leven tijdelijk in groote gezelschappen en zwerven ongeregeld rond; voedsel zoekend, doorkruisen zij de wouden, loopen over dag op den grond en msten 's nachts in hooge boomen. Tegen October, wanneer er nog slechts weinige boomzaden op den grond gevallen zijn, trekken zij naar de lage oeverlanden van den Ohio en den Mississippi. De mannetjes vereenigen zich tot gezelschappen van 10 a 100 stuks en zoeken hun voedsel voor zich alleen, de wijfjes en de halfvolwassen jongen vormen afzonderlijke troepen, die bijna even talrijk zijn en denzelfden weg volgen. Zoo gaan zij verder, altijd te voet, zoolang niet een jachthond of een breede stroom hen den weg afsnijdt. Als een troep kalkoenen aan den oever van een rivier komt, verzamelen zij zich op het hoogste punt en blijven hier soms dagen lang, als 't ware overleggend, voordat zij tot het besluit komen om over te steken. De mannetjes zetten eene hooge borst op en kakelen, alsof zij elkander moed willen inspreken; de wijfjes en de jongen volgen hun voorbeeld, zoo goed zij kunnen, totdat ten slotte bij stil weer het waagstuk ondernomen wordt en zij alle vliegende naar den overkant trekken. Eén van de lianen geeft hiertoe het sein door het geluid: „kloek".

Voor de oude vogels is het oversteken van den stroom niet moeilijk, zelfs niet wanneer deze een Engelsche mijl breed is; de jongen en minder sterke leden van het gezelschap vallen echter dikwijls onderweg in het water en moeten dan den oever zwemmende trachten te bereiken. Zij leggen te dien einde de vleugels dicht tegen den romp aan, spreiden den staart uit, steken den hals naar voren en slaan hun

Sluiten