Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den regel hetzelfde nest. Zijn er geen eierdieven te vreezen, dan is het aan te raden, de eieren eenige dagen te laten liggen en ook dan nog tot op één na weg te nemen.

Hebben de kalkoenen vrijen loop in de velden, dan is het meestal nog moeilijker de nesten te vinden, vooral wanneer zij zich ver verwijderen om plotseling in een tarwe- of haverveld of in een aardappelakker te verdwijnen. i i i Hier is bij de achtervolging nog grootere voorzichtigheid

vereischte dan in den hof, want zoodra zij bemerken, dat zij gevolgd worden, gaan zij in groote kringen rondom het nest en slaan gewoonlijk een geheel andere richting in, waardoor hun vervolger urenlang op een dwaalspoor brengen, om dan ten slotte soms nog tot het besluit te komen, voor dien dag vandaag maar van het eierleggen af te zien.

Van het nest keeren zij eveneens langs omwegen terug, zoodat ook daardoor de plaats moeilijk te vinden blijft. Bewonderenswaardig is zeer zeker bij deze dieren de «ave om zich te oriënteeren, wanneer men ziet, met welk een gemak zij in de dikwijls vele hektaren groote akkers en velden met de meer dan manshoogte begroeide granen

den weg weten te vinden."

„De kalkoen legt jaarlijks, naar gelang zij al of niet te broeden wordt gezet, twee of drie maal van 12 tot 2(1 eieren. In het begin legt zij om den anderen dag en verlaat het nest weer kort nadat zij zich heeft neergezet. Aan het einde van den legtijd daarentegen legt zij dagelijks en blijft dan langeren tijd op het nest, tot zij zelfs het nest s nachts niet meer verlaat; na dit tijdstip legt zij gewoonlijk nog één ei en eerst dan kan men aannemen dat met broeden begonnen is. Het is volstrekt niet noodig, de kalkoensche hen op baar oud nest te laten broeden, men kan haar overal

Sluiten