Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HET STADHUIS TE MIDDELBURG. (Zie nevenstaande plaat).

Hoewel niet meer zoo als voorheen bezaaid met groote en kleine buitens en kasteelen van den Middelburgschen adel of koopmansstand, is het landbouwende Walcheren nog altijd een mooi eiland dat met zijne vier steden en zeventien dorpen zich als een lieflijk panorama vertoont voor hem, die den „Langen Jan , den ruim 80 Kl. hoogen Abdijtoren te Middelburg is beklommen. Maar /Xfticmiiiden en Vere zijn vervallen grootheden; Vhssingens nieuwe havenwerken hebben het niet weer kunnen doen worden wat het in den tijd der Compagnie was, en ook Middelburgs tijden van bloeiende welvaart zijn voorbij. Onder de bescherming van het slot dat aan de Arne was gebobd, een breed water, dat van uit het Sloe ot het midden des eilands opdrong, werd de plaats, welker vroegste geschiedenis onbekend is, niet alleen de marktplaats voor het eiland, maar ook eene veilige haven voor den zeehandel, vooral op West- en Zuid-Europa. Omtrent het midden der 14e eeuw werd Middelburg vrijgesteld van den drukkenden Dordtschen stapel. Als hanzestad dreef Mddelburg een aanzienlijken handel, die nog toenam, toen in 1404 Willem IV van Beieren de stad het stapelrecht verleende, en drie jaar later de ingezetenen vrij werden gesteld van alle markttollen van Heusden en Woudrichem. Nog andere bepalingen omtrent handel en rechtspraak bevoordeelden de stad zeer. Bij een levendigen handel kwam eene aanzienlijke lakenindustrie, zoodat dan ook in 1380 als stapelplaats voor Engelsche wol tijdelijk Middelburg werd aangewezen De machtige Oostindische en de rijke Westindische Compagnie maakten Middelburg tot eene welvarende stad. Maar de Arne verlandde reeds vroeg; eene haven van Middelburg naar Arnemuiden , in 1100 gegraven verzandde en ook de onder Karei V gegraven haven naar Nieuwland in den Middelburgschen polder onderging hetzelfde lot. De achteruitgang der Compagnie kwam daarbij en de Fransche overheersching gaf den genadeslag. Eene haven, onder koning Willem I gegraven, voldeed niet en het Walcherensche kanaal, in 1873 geopend, heeft van Middelburg geene zeestad weer kunnen maken. In hoofdzaak is Middelburg nu de marktplaats voor het eiland met verder b.nnenlandsch en een.g buitenlandsch verkeer. Eene schoone herinnering aan Middelburgs bloeitijd is het prachtige stadhuis, welks schoon gebeeldhouwde gevels met vijf en twintig beelden van Zeeuwsche graven en gravinnen prijken, van Dirk V, den tienden graaf, tot Karei V, den vier en dert.gsten. Reeds onder Karei den Stouten, den een en dertigsten gTaaf, is men met het stadhuis beginnen te bouwen. Het westelijke deel is 111 gebruik als vleeschhal. De trap leidt van de markt naar eene ruime voorzaal, waar de Hooge Vierschaar werd gehouden. Op het stedelijk museum, dat op het stadhuis is gevestigd, zijn verschillende oudheden en merkwaardigheden te zien, o.a. het rad dat door Michiel Adnaanz. de Ruyter te Vlissingen op de lijnbaan werd gedraaid. Achtereenvolgens worden in de laatste jaren deelen van den gevel, die reeds sterk beginnen te verweeren, vernieuwd.

Sluiten