Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

KONSTANTINOPEL. (Zie nevenstaande plaat).

Waar de schilderachtige Bosporns, eene breede rivier gelijk (1170 1950 M. breed en 27 KM. lang), tusschen nieest rotsachtige oevers, met door cypressen, laurieren en platanen beschaduwde bochten, met dorpen, stadjes, villa's, kiosken, en ruïnen, in de zee van Marmora als 't ware uitmondt, ligt Konstantinopel, de stad, die als Byzantium reeds 658 v. Chr. ontstaan daar waar de Gouden Hoorn in de straat uitkomt, eerst onder Konstantijn den Grooten, naar wien zij later dan ook is genoemd, begon eene wereldstad te worden. De verovering door de Turken in 1453 gaf haar een ander karakter. Lag de oude stad op de spits van de landtong tusschen Gouden Hoorn en zee van Marmora, op den heuvel, waarop tegenwoordig het Seraï tusschen tuinen en parken schittert, achtereenvolgens breidde zij zich uit over het schiereiland, en daar zij aan 't verkeer langs den Bosporns was gebonden, werd ook dra de heuvel op de noordzijde van den Gouden Hoorn bebouwd. Daar ontstond Pera, waar 1111 de Europeesche gezanten wonen, en aan den voet van den heuvel, langs het water, Galata, de eigenlijke handelsstad, terwijl Scutari aan de overzijde niet anders dan eene Aziatische voorstad van Konstantinopel is. Zoowel langs den Gouden Hoorn als langs den Bosporns zijn voorsteden ontstaan, als 't ware wijken van de groote stad, die elk hun eigen karakter dragen. De plaat denkt den beschouwer te staan in Galata, waar hij neerziet op een stuk van de langs het water gebouwde stad. Het druk bevaren water is de Reede, de ingang tot den Gouden Hoorn, die even buiten het kader rechts en verderop nog eens is overbrugd. Aan de overzijde de boven het groen uit stekende daken van het Seraï, een van de vroegere sultanspaleizen. De tegenwoordige sultan zetelt in Jyldis Kiosk, op eene hoogte en op eenigen afstand van de naar het N. langs den Bosporns gelegen voorsteden. Tegenover het Seraï vertoonen zich, aan de overzijde van den Bosporus, de huizen van Scutari, en verder zuidwaarts, op den achtergrond, buigt de kust achteruit. Alleen de iets hooger wordende bergen zijn daar nog flauw zichtbaar. Op den voorgrond en meer nog aan de overzijde van den Gouden Hoorn vertoonen zich koepels van moskeeën en blinken slanke minarets.

BOS, Leerb. L. en V., 4e druk.

13

Sluiten