Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Tevens komt voor tiet noordelijk halfrond de Zon dan het hoogst boven den horizon, wat grootere warmte ten gevolge heeft. Op 22 December heeft de Zon hare grootste zuidelijke declinatie: kortste dag en geringe warmte voor het noordelijke halfrond. Op 21 Maart en 23 September beschrijft de Zon den aequator: nachtevening. De tijdruimte tusschen 21 Maart tot 21 Juni noemt men (sterrenkundig) voor het noordelijk halfrond lente; die van 21 Juni tot 23 September zomer; die van 23 September tot 22 December herfst; die van 22 December tot 21 Maart winter. (De meer weerkundige jaargetijden vangen aan op 1 Maart, 1 Juni, 1 September en 1 December.)

De bewoners van de streek tusschen de keerkringen kunnen de Zon in het toppunt hebben. De bewoners van de beide aardkappen, door den noord- en den zuidpoolcirkel ingesloten, zien de Zon gedurende korteren of langeren tijd niet op- of ook niet ondergaan, van een minimumduur van 24 uur tot een maximumduur van een halfjaar.

Den gordel tusschen de keerkringen noemt men de heete zone, de twee gordels tusschen een' keerkring en een' poolcirkel op hetzelfde halfrond heeten de gematigde zonen of luchtstreken; de aardkappen, door de poolcirkels ingesloten, worden de koude luchtstreken geheeten. (Daar de warmteverdeeling op Aarde niet uitsluitend afhankelijk is van de zonshoogte, is genoemde verdeeling der aardoppervlakte in luchtstreken niet te beschouwen als eene in warmtegordels.)

§ 10. Straalbreking, Schemering. De lichtstralen komen van de hemellichamen tot ons door onzen dampkring heen en worden daar gebroken. Daar we een voorwerp zien in de richting die de lichtstraal heeft, wanneer zij ons oog bereikt, zien wij de hemellichamen aan den horizon (waar de breking natuurlijk het sterkst is) ruim 1 •> graad hooger dan ze werkelijk staan. Hierdoor komt het, dat de hemellichamen vroeger voor ons open later ondergaan dan zonder straalbreking 't geval zou zijn. Hierdoor komt het ook, dat eerst iets noordelijker dan de noordpoolcirkel de Zon gedurende 24 uren niet opkomt, en dat reeds iets ten Z. van den noordpoolcirkel de Zon gedurende een etmaal niet ondergaat.

Sluiten