Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De verweering: is de wegbcreidster voor de mechanische verdeeling in kleinere stukken en de wegvoering der verweeringsproducten door het strooniende water; voor de uitslijping van kleinere en grootere beddingen, voor de erosie. Het omlaagstroomende water duwt de door de verweering verkruimelde stoffen en door het bevriezende water afgebroken brokken rots voort en deze schuiven en rollen over de beneden gelegen oppervlakte naar omlaag, terwijl ze door de wrijving die ze uitoefenen, niet alleen zelf in kleinere deeltjes worden verdeeld, maar hare bedding uitslijpen, deze erodeeren. Waar het verval echter zwakker wordt, daar kunnen de grovere vaste stoften niet meer worden meegevoerd. Er beginnen zich sedimenten at te zetten, terwijl de erosie de bedding slechts in geringere mate uitdiept. Waar eindelijk het verval zeer gering wordt, daar houdt verdere erosie bijna op en bepaalt ze zich hoofdzakelijk tot zijwaartsche verlegging der beddingen, waarbij oude ver aten beddingen, doode rivierarmen, achterblijven (b.v. bij de Maas in Nederland); de bezinking heeft er de overhand. Men onderscheidt deze drie hoofdstadiën echter alleen bij eene normaa ontwikkelde rivier. Van zulk eene (de Rijn zou als voorbeeld kunnen dienen) heeft in den bovenloop de erosie, in den benedenloop de sedimentvorming de overhand, terwijl in den middelloop erosie en bezinking ongeveer in evenwicht met elkander zijn. Vele rivieren beantwoorden echter niet aan dit type. Om een paar voorbeelden te noemen: de Wolga ontspringt niet in een eigenlijk gebergte en kent dus geen eigenlijken bovenloop; de Afrikaansche rivieren ontmoeten dichtbij den mond nog een dwarsdam, waar de erodeerende weiking eensklaps weer op den voorgrond treedt. De Donau vertoont bij de IJzeren Poort nog eens weer als 't ware een stuk bovenloop. De normale toestand bij eene rivier is deze: de bovenloop wordt door erosie in een steeds lager niveau verlegt• , doordien het dal steeds dieper insnijdt; de middelloop blijtt ongeveer in hetzelfde niveau en in den benedenloop wordt de bedding opgehoogd. Het verval wordt alzoo in verloop van tijd geringer. Het krachtigst ontwikkeld is de erosiewerking bij die plaatsen, waar het de rivier nog niet is gelukt hare bed-

Sluiten