Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kunnen lijden dan ik, gefolterd als zij werd door het water, dat straal op straal haar verlamde keel overstelpte en haar gezwollen aderen deed barsten. Sommige zwakke zielen gaan te gronde onder zulk een systeem; velen kwijnen weg tot een ziek'lijk, geurloos bestaan. Ik hield het uit; mijn ziel stond in verbinding met de onzienlijke wereld en trok voeding en warmte uit de natuur, evenals de aarde 's nachts de zon voelt en de zuigeling in donker de moederborst weet te vinden. Ik hield het leven, dat mij werd opgedrongen, aan de buitenzijde van dat innerlijk leven, dat met al zijn ruimte voor hart en longen, voor wil en verstand, door stelsel noch vorm was aan te tasten. God, wees gedankt voor deze uwe genade 1

In het eerst was mijn leven enkel lijdelijkheid. Ik deed, wat zij mij gebood — verder niet. Ik zat op de plaats, die zij mij aanwees, met den rug naar het raam, om niet te worden afgeleid door den grooten lindeboom op het grasveld, die daar opzettelijk scheen gekomen om het huis een groet van het woud te brengen. Ik liep schier onhoorbaar over de tapijten van hare laaggewelfde kamers, alsof het geluid van mijn eigen voetstappen mij niet in den waan mocht brengen, dat ik leefde. Ik las hare boeken, was beleefd tegen haar neef, Romney Leigh, luisterde naar haar geestelijke, schonk thee voor haar gasten en bloosde van vreugde, wanneer ik hen, bij het aanreiken der kopjes, onder elkander hoorde fluisteren: „al zijn haar oogen blauw en haar manieren rustig, het Italiaansche kind kan toch niet aarden in de Engelsche lucht. Zij is al weer bleeker dan laatst; zij zal sterven."

„Zij zal sterven." Mijn neef Romney Leigh bloosde ook, maar van toorn op dat woord. Hij kwam bij mij staan en zei fluisterend: „Is het waar, ben je zoo slecht? Zou je willen sterven en de wereld donkerder maken voor anderen, als dat ondeugende lichtje is

Sluiten