Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

elkaar en dan, indien gij knap zijt, schrijft gij over slaven en fabriekskinderen, alsof uw vader een neger en uw zoon een katoenspinner ware. Alles moet tot u zelve in betrekking staan, alles door uw bloed gekleurd zijn of het bestaat niet voor u. Wel, ik noem u hardvochtig voor het lijden van het algemeen. Hier is een wereld, half blind door oververlichting, half verdierlijkt door overbeschaving, die in zijde van Tarsus de pest tot zich lokte en naar Oost en West langs een duizendtal spoorwegbanen haar pijn en zonde uitschreeuwt.... Is er onder u, vrouwen, die zoo gemakkelijk tranen stort, eene, wier wang verbleekt bij het zien van dezen tijger, die zijn kooi doet schudden? Eene, die het dansen of het paarlenrijgen staakt om weg te kwijnen van verdriet over de onmetelijke som van menschelijke ellende? Toon mij in vrouwenoogen, helder als het uwe. een traan als van Cordelia, omdat de wereld krankzinnig is. Gij, die niet tellen kunt, gij zoudt weenen om zulk een som? Neen waarlijk niet gij! Gij weent om dat wat gij begrijpen kunt. Een blondlokkig kinderhoofdje, gloeiend van koortshitte, dat gij even met den vinger aanraakt, roept uw tranen te voorschijn; maar millioenen op het ziekbed versmachtend ... wel, gij zoudt even goed on den regel van drieën, of om saamgestelde breuken kunnen weenen. Maar daarom kan dan ook deze wereld, die door u niet wordt begrepen, uw invloed niet ondergaan. Vrouwen als gij zijt, niets dan vrouwen, persoonlijk en hartstochtelijk, schenkt gij ons teedere moeders, volmaakte echtgenooten, verheven Madonna's, duldende heiligen — maar een Christus hebben wij van u niet te wachten — en een dichter evenmin, naar mijne overtuiging."

„En uit dit alles trekt gij het besluit..."

„Dat gij, Aurora, met dat open, zielvol voorhoofd, met dien rustigen, vasten blik u niet kunt vernederen, om met de kunst te spelen, zooals kinderen met houten sabels; alleen om een vaardigheid te toonen, die

Sluiten