Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en al. Maar wat zegt dit; wie beklaagt een mus of een meisje?

Ik bloosde. Nog voel ik het brandmerk op mijn voorhoofd fel en diep schroeien, zooals de onschuldig veroordeelde het ijzer van den misdadiger voelt en toch ^ het teeken veracht, dat hem stempelt, tot wat hij niet is. Onlogische, dwaze vrouwennatuur, die in deze richting bloost, in gene gevoelt en misschien in een derde haar gebeden opzendt. Neen wij kunnen ten slotte s mans gelijken niet zijn, wij die ons bloed niet in bedwang hebben. Want al bloosde ik, als of ik dezen man beminde; al begroette zij met snijdenden lach in mijn blos het verraad van een valschen getuige, en al sloeg die lach mij ter aarde als het gras onder de zeis van den maaier — toch neem ik de hemelen en al hun zonnen tot getuicren, dat ik meende hem niet te beminnen, noch Toen, noch later, noch ooit. Beminnen wij den schoolmeester als wij zwerven door het bosch, of liever nog, den' armbezoeker van het kerspel, als wij tot de bedeelden behoorenr Gebruiken wij onze liefde, om er onze schulden mee te betalen?

• vïr6 maa^te p'aats voor een doodelijk wit.

t Was of mijn bloed terugkromp voor die smadelijke beschuldiging en mijn hart deed zwellen van verontwaardiging. Toen ten laatste wist ik woorden te

vinden, ware, maar hartstochtelijke woorden te

hartstochtelijk misschien — door snikken afgebroken en onverstaanbaar gemaakt. Zij liet mijn handen los, terwijl haar glimlach in een trek van stillen afkeer overging alsof zij bij ongeluk een dooden adder had aangeraakt. Zich van mij afwendende sprak zij: „Italiaansche manieren laten wij achterwege wil ik open, mij dunkt, gij hadt een engelschen vader, kind, en daarom moet gij in staat zijn als engelsche meisjes bedaard „ja" of „neen" te zeggen, zonder het op de zenuwen te krijgen. Over een maand zal ik nogmaals uw antwoord vragen, uw „neen" of uw

Sluiten