is toegevoegd aan uw favorieten.

Aurora Leigh

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ten einde een paar hongerige magen te vullen. Een ander had met haar besten man te doen, die haar bedroefd zou hebben gemist, en nog een andere zei snibbig, dat zij haar buren wel krijgen zou, die haar al voor dood hadden verklaard. Eene was hooghartig en als haar vrijer haar voor een blozender gezichtje had in den steek gelaten (zij zou wel dadelijk zien wat er van het praatje aan was), dan zou zij er zich geen zier om bekreunen. Hij mocht rondloopen ; 't was maar goed ziek te zijn geweest, om van hem af te komen.

En terwijl zij aldus aan het babbelen waren en Marian al het gemis voelde van niets te hebben gemist, werd een vreemdeling de ziekenzalen rondgeleid, die een oogenblik bij de pratende vrouwen stilhield. „Als hij keek was het, alsof hij sprak en als hij sprak, zong hij misschien," zeide Marian; zij wist het niet, zij wist alleen — zooveel was tot haar besef gekomen — dat hij, die daar stond en sprak, Romney Leigh heette en dat zij hem daar en toen voor de eerste maal zag en hoorde. En toen de beurt aan haar was, om zijn aangezicht te ontmoeten, nadat al die woordenrijke, bleeke lippen met troost waren gelaafd, toen hij zich tot Marian wendde: „En gij, waar gaat gij heen?" kromp zij samen als een worm voor het daglicht. wanneer de steen, waaronder hij roerloos wegschuilt, plotseling ter zijde wordt geschopt. In snikken losbarstende kreet zij: „Waar ik heen ga ? Niemand heeft het mij tot op dit oogenblik gevraagd. Kan ik zeggen, waar ik heen ga, als zelfs God, die om iedereen denkt, het der moeite niet waard acht, aan mij te denken en te beslissen, waar ik heen zal gaan ?"

„Zoo jong reeds", vroeg hij op zachten toon, „hebt gij vader en moeder verloren?"

„Beiden", was haar antwoord. „Mijn vader verdronk zich in jenever en is dus verloren. Mijn moeder verkocht mij een maand geleden aan een man — en is dus evenzeer verloren, dat spreekt. En ik, die voor