Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

nagels, onder uw oogleden, in uw neusgaten, — een dier zou het uitbrullen bij zulk een marteling; maar een mensch, een menschelijk wezen, mag, zal zich niet verroeren, geen geluid geven ; neen voor alles ter wereld niet!

Wat mij het meeste grieft, is, dat eene als zij zoo goed weet, hoe eene als mij te grieven. Mijn hemel, zij doorziet mij, alsof zij mij jaar en dag aan den haard heeft zitten beduimelen en spellen! Zij kent mijn eigenaardigheden, mijn zwakke punten; — welnu, de kennis van een zaak bewijst haar bestaan. Zij moet dat in mij gevonden, en dat in mij gezien en déze fout met haar potlood onderstreept hebben, en

ik, ik wist het zelve niet. Sla het boek dicht

dicht... vermorzel dat leelijk insect tusschen de bladen.

O mijn hart, wij zullen eindelijk wel wreed worden als alles om ons heen, en dan zullen wij het zelfverdediging noemen, omdat wij zoo gevoelig zijn.

En eigenlijk, waarom zou het mij zeer doen, dat Romney Leigh, mijn neef, deze Lady Waldemar tot vrouw gaat nemen. En al hield zij de pas ontloken bloesems harer vreugde voor mijn aangezicht, wel, was dat niet natuurlijk, al was het niet edelmoedig? Ik heb immers, toen het voor haar winter was, de koude, die zij leed, nog aangewakkerd en haar meer pijn gedaan, dan zij mij kan doen. Mij pijn doen!... maar waarom pijn? 't Is duidelijk, dat mijn neef Romney een vrouw noodig heeft — daar moet ik vrede mee hebben. Een man heeft meer behoefte aan een vrouw dan omgekeerd, en is lichter te voldoen. Want waar de man een sekse ziet (de man kan het geheel omvatten, zeide hij) zien wij slechts een enkel individu, als ideaal en in de werkelijkheid; waar wij er naar smachten ons zeiven te verliezen en als paarlen in eens anders wijn te worden opgelost, zoekt hij zich zeiven door wie hij liefheeft te verdubbelen en zijn wijn kostelijker te maken door onze paarlen. Aan zijn disch, op zijn sponde, bij zijn werken en zijn rusten, nergens is het den man goed alleen

Sluiten