Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

neusvleugels een oneindige levenskracht blaast, ja, den ademtocht der liefde. Kunst is veel, maar Liefde is meer. O Kunst, mijn Kunst, gij zijt veel, maar Liefde is meer. De kunst beeldt den hemel af, maar de liefde is godheid en schept een hemel. Ik, Aurora, heb den mijne van mij gestooten. Ik wilde geen vrouw zijn aan andere vrouwen gelijk, een eenvoudige vrouw, die gelooft in de liefde en het recht der liefde erkent, omdat zij bemint; die hoorende, dat men haar lief heeft, zich bevredigd gevoelt met wat de godheid voldoet. Ik moest ontleden, vergelijken, onderzoeken; — als een vlieg, die weigeren zou zich in de zon te koesteren, zoolang deze niet in het teeken van den leeuw stond! Ik moest pruilen, omdat het nog maar Meimaand was! Geen geloof slaan aan de liefde, zooals zij mij geboden werd; lichtgeraakt en kleingeestig mijn waardigheid zoeken op te houden, mij beleedigd gevoelen, omdat mijn minnaar een vrouw zocht, die hij tot zijn werk gebruiken kon... O Romney, o zielsgeliefde, wel ben ik veranderd, gansch veranderd! Want zoo ge thans laag genoeg wildet bukken om mijn liefde op te rapen en haar voor 't eerste het beste doel gebruiktet, zooals men de meest alledaagsche dingen gebruikt, ze ontziende noch sparend, omdat ze altijd opnieuw te bekomen zijn (en ja deze mijn liefde zou nimmer zijn uitgeput) dan zou de vreugd mij als een ster daar hoog aan den hemel doen flonkeren — niet door eigen glans, maar omdat ik zoo hoog werd gesteld. In één opzicht echter, geliefde, ben ik in het geheel niet veranderd: ik bemin u, ik beminde u, ik zal u in eeuwigheid minnen; thans weet ik, dat ik u altijd heb liefgehad. Zij, die gestorven is, wist het en zeide het mij. Lady Waldemar weet het. .. en Marian. Ik had het geweten even als zij .., maar ik was trotscher dan ik wist en minder oprecht. En ja, zooals ik leefde zou ik gestorven zijn; ik zou deze liefderoos, met wesp en al er in, in mijn

20

Sluiten