Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De buigers vormen samen ééne massa, bij de aanhechting vleezig, bij de inplanting peesachtig.

De ellepijp is gedeeltelijk onder de huid; haar loop is t e zien van den elleboog tot den ellepijp-

knoDDel, aan de pmkzijde. De lijn, die de ellepijp weergeeft, is de grens van de buigers. Het is een zacht gebogen lijn; de ellepijp zelf is rechter. De buitenknokkel-opperarmb. is door spieren bedekt. evenals het hoofdje van het spaakbeen, dat ofschoon overkruist door de pezen van de strekkers zich soms als een knobbel voordoet, fig. 57.

Van den buitenknobbel komen 5 van de 7 spieren,

de andere 2, de armspaakbeenspier en de lange buitenste handstrekker komen van den knokkelrand er boven. Opmerkelijk is, dat deze twee niet met den arm in de lengte meeloopen, maar schuin geplaatst zijn en dus loopen van de achterzijde naar de voorzijde van den arm. De lijn, die den langen buitensten handstrekker, de onderste van de twee, voorstelt, loopt symmetrisch met den onderrand van de kleine elleboogspier; de twee

Fig. 50.

Sluiten