Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

top, vervolgens de vereeniging der leden, en ten laatste den nagel, die zich over het laatste lid heenbuigt.

Het ondereinde van een kootje is grooter in omvang dan het boveneinde, terwijl liet boveneinde van het tweede kootje iets breeder is dan dat van het eerste. Dit is te zien in fig. 55 A.

Het vleesch vergroot den omtrek van de schachten der vingerkootjes, doch niet aan de gewrichten. Dit is voornamelijk te zien bij de vingers van de vrouw. Zonder deze vleezige ronding, schijnt de vinger het breedst aan het gewricht tusschen het eerste en tweede kootje, smaller wordende naaide hand toe. Dit komt, omdat het boveneinde van het eerste kootje verborgen is tusschen de uitsteeksels van het middenhandsbeen, welk gedeelte meer tot de hand dan tot de vingers behoort.

Het vleezige gedeelte, dat over de vingerkootjes heen loopt, geeft aan de rugzijde ronding aan de vingers. Aan de gewrichten is de huid dikker en vormt smalle plooien, die dwars den vorm van een ovaal hebben. Deze zijn het best te zien als de vinger gestrekt is, en zijn duidelijker aan het eerste gewricht dan aan het tweede.

Bij het zijaanzicht van den gestrekten vinger fig. E worden de buitenlijnen over de schachten der kootjes aangegeven door zacht gebogen lijnen, en kleine verhevenheden aan het eerste gewricht: aan het tweede gewricht iets minder.

Aan den onderkant is de buitenlijn het rondst

Sluiten