Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

als het meest overeenstemmend met Gods Woord beschouwden. Dit strookte geheel met Livingstone's eigen opvattingen van hetgeen een zendingsvereeniging te doen heeft. Hij zelf behoorde tot de Independenten. Zijn voorkeur voor deze gemeente was voornamelijk gegrond op den nadruk die door haar op het persoonlijke in den mensch gelegd wordt, en ook, omdat er meer leven, meer geestelijk leven in haar heerschte, dan er gemeenlijk in de Presbyteriaansche kerken in Schotland werd aangetroffen. Het ónsectarische karakter van het Genootschap trok hem, naar wij zeiden, bijzonder aan. Tóch was het niet zonder een pijnlijk gevoel dat hij zich, op aandrang van goedmeenende vrienden, aanbood ; het was niet aangenaam voor iemand die gewoon is zijn eigen weg te banen, in zekere mate afhankelijk van anderen te worden. Het zou hem dan ook niet erg hebben teleurgesteld, als zijn aanbod van de hand ware gewezen.

Dit was echter niet het geval. Zijn aanbod werd door het Genootschap voorloopig aangenomen, en in Sept. 1838 werd hij door de directeurs naar Londen opontboden. Tegelijk met hem toog voor het zelfde doel een jong Engelschman daar heen, Joseph Moore, later zendeling op Tahiti. De jongelieden sloten zich dadelijk bij elkander aan en 9 jaar later kon Livingstone in vollen gemoede uit Afrika aan dezen Moore schrijven: „Onder allen die ik, sinds wij van elkander afgingen, ontmoet heb, heb ik niemand gevonden dien ik met u zou kunnen vergelijken in op-

Sluiten