Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Engeland gekomen. Juist maakte hij zich vooreen nieuwe reis gereed, toen hij vernam dat Sebéhwe, tegen zijn raad in, de woestijn verlaten had, daarop verraderlijk overvallen was door een ander stamhoofd, en dat velen van zijn volk, waaronder ook vrouwen en kinderen, op barbaarsche wijze vermoord waren. Er werd bij verteld dat verscheidene inlandsche Christenen uit Koe roeman, die bij hem waren, schandelijk door hem behandeld waren geworden. Geen enkele inlander wilde er nu meer heen en Livingstone moest het voorloopig opgeven, uit gebrek aan personeel, om hem nog eens te bezoeken. Hij bleef nu eenige maanden te Koeroeman, zich bepalende bij korte reizen in den omtrek, in de stad predikend, zich met de drukkerij bemoeiend, ergens elders een kerkje bouwend, als dokter zorgend voor de zieken en allerlei werk verrichtend dat, naar hij zeide, ondraaglijk zou geweest zijn voor een man van „kerkelijke deitigheid." De toestand in het binnenland bleef zóó verward dat hij eerst in Februari 1843, met persoonlijk gevaar voor zijn leven, het durtde wagen het dorp op te zoeken waar Sebéhwe zich met de overblijvenden van zijn stam gevestigd had. Deze ontving den zendeling eerst niet zeer vriendelijk doch veranderde spoedig van houding. Hij luisterde aandachtig naar hetgeen Livingstone hem van Jezus en de opstanding uit de dooden vertelde en deed vele vragen die van belangstelling getuigden. Dit hooid bracht de zendeling aldus onder den invloed van het Christendom en daardoor eenigs-

Sluiten