Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kwam opruien. Livingstone schrijft: „Ik ben mij er niet van bewust dat ik eenig geestelijk vooroordeel tegen de Boeren koester, en op de verschillende reizen, welke ik deed naar de arme stammen die op deze wijze in een soort slavernij gehouden werden, heb ik de blanken nimmer vermeden, doch getracht hun zieken te genezen en hun van mijn eigen geneesmiddelen toegediend, zonder ooit om geld of loon te vragen. En ik moet hun ter eere nageven dat zij mij altijd met respect behandeld hebben." Dat laatste kwam misschien wel door zijn persoonlijkheid die, zonder dat hij het vaak zelf wist, eerbied afdwong en een ieder voor zich innam. ')

Hoe het ook zij, het was jammer dat de Boeren, door hetgeen zij van zijn landgenooten hadden onder-

') Kenmerkend voor het karakter van Livingstone is dat, toen zijn verbittering tegen de Boeren sterk was toegenomen doordien zij zijn huis en hof hadden verbrand en geplunderd, hij een scherp artikel tegen hen schreef doch.... blijkbaar niet heeft kunnen besluiten dit artikel uit te geven. Het werd later onder zijn papieren gevonden. In de eerste uitgave van Blaikie's Personal life of David l ivingstone komt dit pamflet (Ds. Lion Cachet noemde het „de pen en den naam van Livingstone ónwaardig") niet voor, doch wel in den tweeden druk. Livingstone's lang niet onbevooroordeelde geschiedschrijver Blaikie, die altijd de Boeren zoo slecht mogelijk zoekt af te schilderen, heeft door de publicatie er van bepaald niet in den geest gehandeld van den man die gemeenlijk zoo voorzichtig was, waar het beoordeeling of betichting van anderen gold. Te recht zeide dan ook Ds. Lion Cachet dat men daardoor „een schaduw heeft geworpen op het beeld, dat men zich zoo gaarne van den grooten zendeling-onderzoeker vormt," en dat „het eenige doel dat men zich met de uitgave voor oogen kan gesteld hebben is, het Christenvolk in Engeland en elders tegen de Boeren in te nemen, en dat juist in dezen voor hen zoo kritieken tijd," d. w. z. in den tijd, toen de edele en groote Gladstone ten slotte besloot ten gunste van de Boeren te beslissen. Zie F. Lion Cachet, De worstelstrijd der Transvalers, 2e druk, bl. 145, Höveker en Zoon, 1883.

Sluiten