Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

waren pas aangekomen en hadden een troep jonge slavinnen bij zich, die bezig waren den grond voor hun tenten van gras en onkruid te zuiveren. Het was voor het eerst dat de meeste zijner mannen geketende slaven zagen. „Dat zijn geen menschen," riepen deze uit; „dat zijn beesten, — bedoelden zij — die zóó hun kinderen (slaven) behandelen!" Sjinté ontving den reiziger den volgenden dag in een groote volksbijeenkomst op de Kot la of het plein der stad, met veel praal cn veel ceremonieel. Sambanza, de man onzer Amazone, deed het woord, aangezien hij de voorspreker ot' woordvoerder van zijn stam was; hij vertelde wat hij van den zendeling en diens plannen wist en beval den blanken man aan het goede hart van Sjinté aan. Dat er hier mede een soort van vrouwen-bewind bestond en de vrouwen er meer te zeggen hadden dan in de andere streken die Livingstone had leeren kennen, bleek daaruit dat er wel een honderd vrouwen in de vergadering bijeenzaten, die hun goed- of afkeuring door gelach of door een onverstaanbaar gemopper te kennen gaven. Nadat er zeven sprekers vóór en tégep gesproken hadden, stond Sjinté op, waarop tevens allen tegelijk in de vergadering oprezen, ongeveer een duizendtal vergaderden en driehonderd soldaten. Hij sprak nu een beslissend woord ten gunste van de ontvangst. De zon stond reeds zeer hoog aan den hemel — men was 's ochtends om elf uur begonnen — en het was dan ook ondragelijk heet, toen de Mambari, inlanders in dienst van de halfbloed-Portugeezen, hun ge-

Sluiten