Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

onzen vader, geloovende dat datgene wat onze ouden verteld hadden, waar was, dat namelijk de wereld geen einde heeft. Doch op eens zeide de wereld tot ons: „Ik ben uit; er is niet meer van mij." Zij hadden altijd gemeend dat de wereld een uitgebreid vlak was, zonder grenzen.

Den 31cu Mei 1854 kwam Livingstone eindelijk met de zijnen te Loanda aan. Het was hoog tijd, aangezien hij zóó verzwakt was dat hij geen tien minuten lang achtereen op zijn os meer kon blijven zitten, terwijl hij zwaar aan dysenterie leed en door een en ander zoo somber en terneergedrukt was geworden, dat hij er zelfs over tobde of de Heer Gabriel, Engelsch gevolmachtigde voor de onderdrukking der slavenhandel in die zeehaven, hem wel goed zou ontvangen; en vooral ook, of deze misschien eerder een barsch man zou wezen dan wel vriendelijk. Doch alles viel zeer mede. De heer Gabriel nam den zieke met groote liefderijkheid op en bracht hem dadelijk naar een slaapkamer. „Nooit zal ik vergeten — zegt Livingstone — het gevoel van weelderige wellust dat ik genoot, toen ik mij weder op een goede Engelsche legerstede bevond, na zes maanden op den grond te hebben geslapen." Hij viel spoedig in slaap en de heer Gabriel kon zich, toen hij kort daarop de kamer binnentrad, verheugen op het gezicht van de gezonde en verkwikkende rust, die de zendingsreiziger blijkbaar genoot.

Sluiten