Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

watervallen geeft is te uitvoerig, om hier in haar geheel in vertaling weer te geven. Dat is wel jammer, daar men zou kunnen zien hoe uitnemend onze zendingsreiziger natuurtooneelen die hem bijzonder troffen, wist te schetsen. Scherp waarnemer als hij was, wanneer het aankwam op het „hoe" en „waarom", was hij aan den anderen kant toch ook een gevoelsmensch, die zich geheel kon laten medesleepen als hij onder den indruk kwam van iets schoons in de natuur. Hij schetst in zijn Zendingsreizen zijn bezoek aan de vallen, zooals wij reeds zeiden, zeer breedvoerig. Wij willen slechts een klein stukje — het eind der beschrijving — daarvan aanhalen om eens te toonen hoe duidelijk hij wist weer te geven wat hij zag. Gekomen bij vijf enorme naar omhoog -stijgende dampzuilen, die met donderend geraas weer zijwaarts naar omlaag stortten — zij werden zeer eigenaardig door de inlanders „rook, die geluid maakt" genoemd — geeft hij een schets van deze omgeving, evenals van het eilandje waarop hij zich bevindt en dat, voortdurend besproeid, in weelderigen tooi van groen en bloesems prijkte. Daarna bespreekt hij de eigenlijke watervallen en de kloof waarin het water zich naar beneden stort, om daar in de laagte door een engte van vijftien tot twintig el te worden heen geperst. Hij eindigt zijn beschrijving aldus:

en van links naar rechts, en kokend en bruisend tusschen de heuvels doorgaat, kolommen van waterdamp naar omhoog zendend, die gevormd worden door de samenpersing van het water dat met kracht naar beneden ploft in dezen nauwen wigvormigen vergaarbak.

Sluiten