Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De Ajawa waren geslagen en hadden hun begeerte te kennen gegeven, om in vrede met de Engelschen te verkeeren. Doch Dr. Livingstone koesterde op dat punt een groot wantrouwen. Toen hij de bijzonderheden van de nederlaag der Ajawa vernam, voornamelijk veroorzaakt, doordien ook de zendelingen deel hadden genomen aan den strijd, boezemde dit laatste hem groote zorg in. Hij ging van een geheel ander standpunt uit dan de Bisschop en oordeelde het alleen in den uitersten nood — ter zelfverdediging — goed, als een zendeling wapenen tegen inlanders gebruikte. Ook bleek het hem meer en meer, dat het den zendelingen geheel ontbrak aan ervaring en den noodigen tact om met de inboorlingen om te gaan. En dat gaf hem groote vrees voor de toekomst. In z ij n oog had deze zending door al wat er reeds gebeurd was, reeds iets van haar wijding verloren, en dit zou niet bevorderlijk kunnen zijn voor haar bloei. Er werd nu besloten dat de „Pioneer" naar de monding der Zambisé zou stoomen, om daar een oorlogsschip te ontmoeten dat proviand voor hen in had; de boot zou dan vervolgens van daar — tegelijk met de stukken van de „Lady Nyassa" — Mevr. Livingstone, Miss Mackenzie (een zuster van den Bisschop) en anderen naar Sjoepanga overbrengen. Men zou, als alles goed ging, elkander in Januari 1862 aan den mond van de Roeo, een zijtak van de S j i r é, ontmoeten, waar de Bisschop hen zou opwachten. Hij en de Heer Burrup — die zoo pas was aangekomen —, zouden intusschen de naburige streken in den omtrek van Magoméro onderzoeken.

Sluiten