Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en gedragingen medewerken tot uitvoering van dit plan. In de stoomboot de „Thule" — een geschenk van het Gouvernement van Bombay aan den Sultan van Zanzibar — vertrok hij naar zooeven genoemd eiland, waar hij na een betrekkelijk zeer langen zeetocht die wel 23 dagen duurde, eindelijk den 28tn Jan. 1866aankwam; de „Lady Nyassa" had er echter twee jaren geleden wel dubbel zoo lang over gedaan. De Sultan kon hem niet ontvangen, daar hij lijdende was aan hevige kiespijn, doch liet hem weten dat hij hem zou voorthelpen. Livingstone bleef nagenoeg twee maanden in het vuile en onfrissche Zanzibar, wachtend op de regeeringsboot de „Penguin", die hem en wat hij bij zich had zou overbrengen naar den mond van de Rovoema. Het was zeer vervelend en eentonig voor hem te Zanzibar: „eten, drinken, slapen, slapen, drinken, eten, dik worden, slavenvaartuigen zien aankomen, slavenvaartuigen zien weggaan, allerlei vieze luchten ruiken en verder vriendelijke blikken wisselen met de Engelschen daar ter plaatse." Het gezicht van de slavenmarkt, waarop de aangeboden waar bevoeld en betast werd en hard loopen moest, als waren het koeien of paarden, en het herkennen van eenige vrouwelijke inboorlingen, die van het Nyassameer waren aangevoerd, maakte zijn verblijf te Zanzibar des te onaangenamer, maar het sterkte hem nog meer in zijn voornemen om al zijn krachten in het werk te stellen tot het toebrengen van een anderen, nóg gevoeliger slag aan dien gevloekten handel. „Kon er maar een geregelde stoomvaartverbinding tusschen

Sluiten