Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

als hij fouten in anderen zag of hen zich zag misdragen, om te zeggen: „als ik aan mijn eigen tekortkomingen denk, dan moeten deze mij wel toegevend maken. Ikzelf heb ook mijn zwakheden en gebreken!"

De weg naar het meer kenmerkte zich weder door allerlei teekenen van de ellende en het lijden der slavengangen. Hij hoorde zes slaven zingen, alsof zij het vernederende gewicht niet voelden van de slavenstokken om hun halzen. Hij vroeg, verwonderd, naar de oorzaak van die vroolijkheid; toen vertelden zij hem dat zij zich nü reeds verheugden in de gedachte die hun zang aangaf, dat zij, als zij na hun dood het juk niet meer behoefden te dragen, zouden terugkomen om hen die hen verkocht hadden, te kwellen en te dooden. Het was bedroevend dien zang te moeten aanhooren, welks refrein, door allen gezongen, werkelijk aangaf wat zij zeiden, schijnbaar zoo vroolijk klinkend en tóch getuigend van zooveel bitterheid en zooveel tranen! Den 180n Juli ontdekte hij nu het Bangweólo-meer, met zijn sponsachtigen bodem in den omtrek en zijn vele bewoonde eilanden ; ook deze bezocht hij. Hij zelf was een wonder voor de inboorlingen, welke zich in menigten om hem heen verdrongen, daar zij nooit te voren gehoord hadden van zulke vreemdsoortige verschijningen als deze blanke man. Livingstone verkreeg den indruk destijds, alsof hij te gelijk met de ontdekking van het Bang we ól o-meer en den sponsachtigen grond er van, nog een andere ontdekking gedaan had, nl. of deze

Sluiten