Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Van deze drie heeft de eerste beslist den voorrang boven de twee andere, omdat zij automatisch werkt, terwijl voor de beide anderen een tijdcontroleur (timekeeper) moet aangesteld worden. Voor een kleine zaak kan de voorkeur, welke tijdboek en tijdkaart boven het tijdregister hebben, niet opwegen tegen de onkosten voor den tijdcontroleur.

HOE WERKT DE CONTROLEKLOK?

Er zijn verschillende tijdregister-toestellen, het eene heeft die goede eigenschappen, het andere weer andere, maar de meesten lijken op elkaar, wat de hoofdzaken betreft.

Voor eiken employé is bij de tijdklok een kaart aanwezig, die voor de zes dagen der week onderverdeeld is. Deze' kaart moet elk employé des morgens bij den aanvang der zaak, des middags bij het weggaan en terugkomen en des avonds bij het vertrek door middel van het registreertoestel afstempelen. Het toestel is met een klok verbonden en door een automatisch werkenden stempel wordt de juiste tijd op elke kaart aangegeven. Aan het einde der week worden de verschillende kaarten bij elkaar verzameld, daar zij meestal gebruikt worden voor de vaststelling der salarislijst.

In den regel worden de kaarten niet door het personeel bij zich gehouden, maar in daarvoor bestemde rekjes dicht bii den ingang gelegd.

Gewoonlijk zijn er twee rekjes, het eene voor de kaarten van degenen, die in huis zijn, het andere voor degenen die zijn uitgegaan. Daardoor kunnen de chefs direct controleeren, hoeveel van het verkooppersoneel op dien tijd in de zaak moeten zijn. Is slechts één rek aanwezig, dan draait de employé, die uitgaat, zijn kaart om, zoodat het gedrukte woord „uitgegaan" zichtbaar wordt. Deze methode is echter met zoo goed als die met de twee rekjes, daar de verhouding tusschen het personeel binnen- en buitenshuis niet zoo snel kan vastgesteld worden; bovendien kunnen meer vergissingen voorkomen.

Sluiten