Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geniswezen, is omstreeks het jaar 1820 eene der eersten geweest om in wijden kring te doen beseffen de hooge waarde van vrije aaneensluiting tot samenwerking, waardoor het bereiken van een doel niet langer afhankelijk blijft van het leven van den enkeling. Dit denkbeeld vond sedert snelle toepassing op velerlei, aanvankelijk vooral op philanthropisch, gebied en juist door haren philanthropischen arbeid zeiven is de vrouw gaandeweg en als onwederstaanbaar wel genoodzaakt zich te verdiepen in de groote staatkundige en maatschappelijke vraagstukken van onzen tijd, vraagstukken , die door de snelle verandering der economische verhoudingen, ook wat betreft het leven en den arbeid der vrouw met klemmenden drang om oplossing vragen. Want het streven naar leniging van maatschappelijke nooden leidde tot een streven naar bestrijding der maatschappelijke misstanden, die de oorzaak dier maatschappelijke nooden zijn; en dientengevolge tot een streven om invloed te verkrijgen op de wetgeving als het groote middel om die maatschappelijke misstanden te kunnen tegen gaan. Zoo volgde op den philanthropischen, in den aanvang bijna uitsluitend Christelijkphilanthropischen, arbeid der vrouw een streven naar vrijheid van arbeid en opleiding, naar éénheid van zedewet en ten laatste ook een streven naar het bezit van burgerschapsrechten, naar politieke gelijkstelling met den man. Immers ter bereiking van het doel, dat de

Sluiten