Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

op diens gemoedsgesteldheid. Niet dat Florence Nightingale de hooge waarde eener diepe, innige vroomheid ooit zoude hebben onderschat; maar zij meende, dat deze bij de verpleegster, zoo goed als bij den geneesheer, den advocaat, den onderwijzer en wie ook, eene vrije, individueele zaak moet blijven.

Deze opvatting was in de dagen der jeugd van Florence Nightingale, het begin der vorige eeuw, nog geheel nieuw. De breedte van blik, die haar tot deze ruime opvatting heeft geleid, dankte zij in hoofdzaak aan de zorgvuldige opvoeding, die haar vader, een aanzienlijk Engelsch edelman, haar schonk. Deze, zelf kunstenaar en geleerde, had zijne beide dochters, waarvan de jongste, Florence, aldus genaamd omdat zij in 1820 in Italië, in de bloemenstad aan de Arno, was geboren, reeds vroeg doen deelen in zijne studiën. Hij deed haar veel reizen, oefende haar in de kennis van vreemde talen en bracht haar in voortdurend verkeer met merkwaardige tijdgenooten. Maar Squire Nightingale was ook een zorgzaam landheer en zijne dochters moesten hem ter zijde staan in zijne zorg voor de pachters en hunne gezinnen op zijne uitgestrekte landgoederen , waar hij streng de hand hield aan geregeld schoolbezoek. Het was te Lea Hurst, haar vaders landgoed, in Derbyshire, de streek ons welbekend uit Adam Bede en the Mill on the Floss, dat Florence opgroeide in dagelijksch verkeer met typen

Sluiten