Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

koorts was er zoo gewoon, dat eene bevalling in het ziekenhuis gelijk was te stellen met een doodvonnis in de oogen der ongelukkigen, die er hare toevlucht moesten zoeken. In hooge, houten bedsteden lagen soms drie tot vier volwassen zieken naast elkander; ongedierte kroop rond in het beddegoed, dat niet verwisseld werd als een nieuwe patiënt de vrijgekomen plaats van een genezen of overleden kranke kwam innemen; in een Edinburgsch gasthuis vond Florence Nightingale ten minste nog de bepaling, dat in geval van besmettelijke ziekte de matrassen gelucht en de bedlakens gewasschen moesten worden, eer ze op nieuw in gebruik kwamen; maar in ieder ander geval scheen men het ook daar onnoodige weelde te vinden; vaak moesten de kranken de verpleegsters te vriend houden door omkooperij, zouden dezen hun de allernoodigste hulp bewijzen, de voor hen bestemde verkwikkingen, die meest op de ziekenzaal moesten worden toebereid, niet zeiven tot zich nemen, hen niet berooven van wat vriendelijke handen hun hadden gebracht of van het vast rantsoen van brood, dat den patienten dagelijks ééns per etmaal werd uitgedeeld en dat zij in hun bed of onder hunne matrassen bewaarden met hunne kleederen en kleine bezittingen. Het reinigen der kranken, voor zoover men daaraan deed, en het afleggen der dooden geschiedde ten aanschouwe van al de andere lijders in de ziekenzaal; overdag hielpen de herstellenden

Sluiten