Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„rechterhand; tot U zal het niet genaken U zal

geen kwaad wedervaren en geene plage zal Uwe tente „naderen. Want Hij zal Zijne engelen bevelen, dat zij „U bewaren op alle Uwe wegen.1) Van dat oogenblik „kende ik geen vrees meer; sterk in die woorden ging „ik de straat op met eenigen van onze vrienden . . . Terwijl deze op handige wijze de aandacht der menigte, die reeds te hoop liep voor het vergaderlokaal, afleidden, slopen Mrs. Butler en eene vriendin onopgemerkt het gebouw binnen. „Ik droeg hoed noch handschoenen," verhaalt zij, „enkel maar een oud doekje over het „hoofd en zag er uit als een arme vrouw uit het volk. „Zoo gingen wij veilig door die dichte rijen van opgebonden mannen met hun verhitte gezichten en gebalde „vuisten. Daar binnen hadden wij eene zeer plechtige „en indrukwekkende samenkomst. De vrouwen luisterden met gespannen aandacht zoolang wij tot haar „spraken; af en toe ging er eene trilling door de vergadering als het geschreeuw en getier daar buiten zich „heviger verhief. Tegen het einde der samenkomst „kwam een vriend tot mij en fluisterde mij toe: „Het „„ware best, dat gij nu in stilte weg kwaamt langs het „„gindsche venster, dat laag bij den grond is, terwijl „„het grauw u opwacht aan den uitgang."" Vlugge, bereidwillige handen hielpen en weldra wandelde Mrs.

1) Psalm 90: 2-12.

Sluiten