Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

langs den linker-Rijnoever deed opwerpen en dat de Romeiusche opperbevelhebber aldaar zijn hoofdzetel had. Hoogstwaarschijnlijk behoorde de school te Roomburg tot de Keizersscholon, die door het geheele rijk verspreid waren en die vooral te» behoeve \an de kinderen der ambtenaren waren opgericht. Er werd dan ook ondetvujs gegeven in de zoogenaamde zeven vrije kunsten, n.1. de grammatica, dialectica, rhetorica, musica, arithmetica, geometria en astronomia. De eerste drie, het trivium, werden alleen door ambtelooze personen beoefend, waaraan men echter de laatste vier, het quadrivium, toevoegde voor allen, die later ambten moesten bekleeden.

De oude Friezen lieten hunne kinderen onderwijzen op de Druidenscholen. De Druïden legden de godsdienstige geheimnissen uit, waren met het offeren belast en traden als onderwijzers op. Zij vormden eene orde, waaraan ook de uitlegging der wetten en rechten des lands en der plichten des geloofs was toevertrouwd. .Soms genoten de kinderen op de Druïdenscholen meer dan 12 jaren onderricht, waarna zij in de Druïdenorde werden opgenomen.

De schaduwzijde van het toenmalig onderwijs bestond daarin, dat alleen de bevoorrechte standen er van konden genieten. De massa van het volk was er van verstoken en bleef dus ruw en onwetend.

De Romeiusche beschaving, ook door middel van het onderwijst oefende een grooten invloed uit op de hier te lande wonende pikeren. In de spreek- en schrijftaal bezigen wij nog vele Latijnsche uitdrukkingen, die uit den Romeinschen tijd afkomstig zijn, zooals de Romeinsche cijfers ook heden nog worden gebruikt.

Met de invoering en uitbreiding van het Christendom in ons vaderland werd ook allengs het onderwijs op Christelijke leest geschoeid. Wel maakten de eerste Christenen gebruik van de Keizersscholen, zooals de geloovigen in Egypte eerst van de Catechetenschool te Alexandrië, in 181 gesticht, waaraan zoowel heidensche als christelijke leeraren onderwijs gaven, gebruik maakten,doch lang duurde dit niet. De Christelijke Kerk vond het onderwijs van Heidenen gevaarlijk voor hare leden en nu zocht de Kerk in de bestaande behoefte te voorzien door klooster-, dom- en xtiftsscholai in

het leven te roepen.

Vooral Bonifacius deed veel voor het onderwijs. In onderscheidene bisdommen en abdijen, zooals die van Wuraburg, Lichstadt, 1"ulda, enz. richtte hij Christenscholen op, en trachtte hij daardoor de kennis.

Sluiten