Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

aan de kerkgenootschappen. Hiervoor kunnen de schoollokalen buiten de schooluren ten behoeve der leerlingen, die er ter school gaan, l)eschikbaar worden gesteld."

Opleiding tot alle Christelijke en maatschappelijke deugden sloot, volgens V. d. Brugghen, in zich, dat talie leerstellige en dogmatische bestanddeelen, alles wat met één woord tot het begrip des ('hristendoms, van zijne waarheden, van zijne feiten, van zijne geschiedenis behoort, van de gemengde school verwijderd moet blijven. Dit vordert de grondwet en vordert de rechtvaardigheid. Allen, Protestanten, R.-Katholieken en Israëlieten, kunnen met recht vorderen, dat aan hunne kinderen niets worde meegedeeld, dat kwetsend, dat strijdig is met ieders godsdienstige overtuiging, en daartoe behoort alles, wat tot het begrip van het Christendom van het begin tot het einde behoort." Voorwaar, Thorbecke had volle recht om te zeggen: »In plaats van de wet in overeenstemming te brengen met de petitionnarissen, zijn thans deze in overeenstemming gebracht met de wet."

V. d. Brugghen had den Koning uit de aangroeiende moeilijkheden omtrent het onderwijs willen redden. Hij was er in geslaagd, maar op eene Z. M. bevredigende wijze? Wij meenen van niet en ook Groen schreef terstond na het tot stand komen der wet: «De Koning heeft in 1850 getoond, dat hij voor de billijke eischen van het volk een geopend oor heeft. Het is niet aan den vorst te wijten, dat het koninklijk initiatief onder ministeriëele en parlementaire kunstbewerking op eene wet uitliep, erger dan die, waartegen Z. M. zich verzet had." Bovendien was het de fout van V. d. Brugghen geweest, dat hij van de medewerking der Ned. Herv. Kerk verwachtingen koesterde, die niet verwezenlijkt werden. Vandaar dat hij in 1800 zijn Open brief aan de Bestuurder» en Leden der Hervormde Kerk in Nederland schreef. De Algemeene Synode der Ned. Herv. Kerk trachtte nl. in 1858 de leemte, door de wettelijke terzijdestelling van 'tgodsdienstig element ontstaan, buiten de schooluren aan te vullen. In een schrijven van 2 Aug. van dat jaar wekte zij daarom de kerkeraden op, hiertoe werkzaam te zijn, door oprichting van Bijbel- en Zondagsscholen. Toen deze opwekking echter niet de gewenschte vruchten droeg, schreef V. d. Brugghen zijn Open brief. Met kracht drukte hij der Kerk op het hart, om door algemeene oprichting van Bijbel- en Zondagsscholen te zorgen voor de Christe-

Sluiten