Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van Chr. scholen voor eiken kweekeling, door hen tot hulponderwijzer opgeleid.

De vaccinedwang benadeelde het Chr. onderwijs zeer. Te Goes b. v. moest de bloeiende school van Ds. Buddingh worden opgeheven, omdat de ouders gewetensbezwaar hadden, hunne kinderen te laten vaccineeren. De school telde meer dan 300 leerlingen. Mr. P. A. Saaymans Vader deed pogingen bij den gemeenteraad om opheffing van het besluit, dat alle schoolgaande kinderen gevaccineerd moesten wezen, maar te vergeefs. Ook op andere plaatsen bleek de verplichte vaccine een wapen in de hand der vijanden van het Chr. Onderwijs. Herhaaldelijk werd de kwestie in de Tweede Kamer gebracht, doch de minister verklaarde, dat het eene zaak der gemeentebesturen was, en deze waren in den regel weinig gezind, iets ten gunste der Chr. school te doen.

Behalve door de vaccine verplichtend te stellen, wist men ook de vrijheid van onderwijs, een der hoofdbeginselen der wet van '57, te verkorten, door op plaatsen, waar Chr. scholen werden opgericht, het openbaar onderwijs kosteloos te stellen. Te Aarlanderveen b. v. werd bij de oprichting der Chr. School het schoolgeld op 25 ets. bepaald; het schoolgeld op de openbare school bedroeg 18' ets. per week. Na de oprichting der bijzondere school schafte de gemeenteraad de schoolgelden af, zoodat er sedert 1 Jan. 1864 op de openbare scholen kosteloos onderwijs gegeven werd. Zoo deed men ook te Koudum, De Lemmer en op andere plaatsen. De heeren Mackay en Van Nispen van Sevenaer brachten dit punt in de Tweede Kamer ter sprake, doch de minister antwoordde : "Het gemeentebestuur is vrij, om kosteloos onderwijs te doen geven. Wanneer evenwel het gemeentebestuur, om kosteloos onderwijs te doen geven, van mij subsidie mocht verlangen, dan zal het niet slagen; dan zal het stuiten op mijn neen." Hiermede was de heer Nispen van Sevenaer niet tevreden. Deze zeide daarom: »Ik heb vóór twee jaren in deze Kamer voorgelezen uit de stukken, tusschen de Kamer en de regeering gewisseld, hetgeen omtrent dit aangelegen onderwerp daari n wordt gevonden. Daar staat met cursieve letters gedrukt, dat het aan de gemeenten niet zal vrijstaan, kosteloos onderwijs te geven aan degenen, die het betalen kunnen, ten ware uit andere bronnen dan belastingen, de kosten daartoe zouden kunnen worden gevonden." Evenwel, Thorbecke meende, dat hij in deze de vrijheid der gemeenten niet te

Sluiten