Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

■den regel te kort schieten." Doch de vereerders der maatschappij tot N. v. 't Algemeen bleven in 1848 aan de openbare school voor Roomsch-Katholieken en Protestanten met buitensporige liefde gehecht.

•Overal in het rijk moet van Overheidswege voldoend openbaar lager onderwijs worden gegeven", bepaalde de grondwet. En art. 1(5 der onderwijswet van 1857 schreef voor, dat de openbare school toegankelijk moest zijn voor alle kinderen, zonder onderscheid van godsdienstige gezindheid. Beide bepalingen waren daardoor gericht tegen dat gedeelte der bevolking, dat, aan den godsdienst gehecht, dezen ook in de school als het ééne noodige waardeerde. Onder de lens van vrijheid vermocht men het oprichten van bijzondere scholen te belemmeren. Art. 23 was daar met het woord »Christelijk" om de menigte te misleiden en van lieverlede in slaap te sussen; art. 33 om het kosteloos onderwijs op de openbare school te bestendigen en den meest onredelijken druk te leggen op hen, die voor hunne kinderen wat beters verlangden dan 't neutrale onderwijs, dat art. 16 voorschreef; en art. 194 der grondwet met de bepaling, dat overal van xtaatsirei/e openbaar lager onderwijs moet worden gegeven. Overal; te Doornspijk werd, gelijk wij zagen, den 17®» Jan. 'G6 de Chr. school geopend met 157 leerlingen. Op de openbare school bleven 9 kinderen over. Te Wanswerd was mede de openbare school bijna ontvolkt, terwijl de jeugdige Chr. school aldaar 92 dag-en 59 avondscholieren telde. Toch werden ook zulke gemeenten verplicht tot instandhouding van de daar althans overbodige openbare school. De Floreenplichtigen van Abbega maakten van hunne dorpsschool eene bijzondere. Opdat er nu toch voldoend openbaar onderwijs zou wezen, richtte de gemeenteraad van AVijmbritseradeei te Westhem, nabij Abbega, eene openbare school op, die weinig of niet bezocht werd en die de ingezetenen van het weerspannige dorp nu ook voor de helft moesten bekostigen. In 1867 besloten de Floreenplichtigen te Schraard en Wons de schoolgebouwen en huizen, als eigendom van de kerkvoogdijen, niet langer ten dienste te stellen van het openbaar onderwijs, maar ze voor het Christelijk onderwijs te bestemmen. Aan dat besluit gaven zij uitvoering, zoodat in Schraard en Wons kerkelijke bijzondere scholen ontstonden, die uit de kerkvoogdij beurzen werden bekostigd. De toelagen of subsidiën, die men vroeger uit die beurzen voor het openbaar ouderwijs had afgestaan, werden voortaan ingehouden. Het gemeentebestuur van Wonseradeel had (i. o. 11

Sluiten