Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

In n". 18 vau zijn Aan de Kiezers gaf (Jroen rekenschap van zijn besluit: »Neen, zooals de Kamer thans is, mocht ik niet blijven. Dit behoeft geen betoog. Door vriend en vijand het hoofd der antirev. partij genoemd, mocht ik haar niet langer, in mijn persoon, blootstellen aan de behandeling, niet altijd welwillend en voegzaam, die ik, naarmate mijne volharding tot last en ergernis werd bij toeneming hetzij van leden der Kamer, hetzij van leden van het Kabinet, ondergaan heb. In 1862 terngkeerend voor eene speciale taak, voor de eerlijke naleving of voor de doeltreffende wijziging der schoolwet, mocht ik een parlementair leven niet meer levenswaard achten, nadat ik, wat mij doenlijk scheen, verricht of beproefd had, zoodat mijne verhouding tot de Kamer, hetzij ik sprak of zweeg, met het gewicht der volkszaak, die ik voorstond en met de verwachting en het vertrouwen van zoovelen mijner landgenooten, niet meer overeenkwam."

Groen had reden zich te beklagen. Hij getuigde: »Van 1862 tot 1865 nu en dan een afgedwongen dialoog met den minister, nu en dan eenig (volgens den thans geijkten term) parlementair parlaye. Voor zoover het welstaanshalve noodzakelijk was; totdat het spreken overbodig en, om de (zachter woord zon onjuist zijn) stokdoofheid der Kamer en de apathie vau het publiek, ongerijmd werd. Nooit was het onderzoek serieus ; meermalen had het eene komische tint. Den dans te ontspringen; den rustverstoorder, die voor de rechten en het geloof zijner landgenooten opkwam, te verschalken, dit was de kunst."

Vond Groen in de Kamer en in de dagbladpers geen gehoor, geen ernstige discussie, thans zou hij door agitatie onder het volk, onder de kiezers en onder het Christenvolk achter de kiezers ijveren voor de Christelijke belangen der Nederlandsche natie.

In weerwil evenwel van al deze bestrijding van de zijde der vijanden, gaf het Christelijk onderwijs toch menig teeken van krachtig leven. Zoo bijv. had de vereeniging van Chr. Onderwijzers in Nederland niet alleen een oog en hart voor de belangen van het Chr. onderwijs in ons land, maar zocht ook in het buitenland het Chr. onderwijs te steunen en te bevorderen. In Spanje zuchtte de ouderwijzer Juan de Vargas om het Evangelie te Malaga in den kerker. Men gedacht hier den gevangene, alsof men mede gevangen zat. Een schrijven werd hem toegezonden en eene gave van 1000 gld. deed inen

Sluiten