Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

»als Gnizot, eer de bliksemstraal van 1848 hem het satanische deirevolutie had leeren inzien; als de toongevende Protestantsche meerderheid, Liberaal en Christen, met de leus: medio tutissimus ibis; als in de Hervormde Kerk bijkans iedereen, lid der «jroote Protestantsche partij naar gelang van den thermometer, conservatiefliberaal of liberaal-conservatief. I)e bewijzen eener achterlijkheid heb ik zelf geleverd in de Verspreide Geschriften. Eerst in Volkse/eest en Burgerzin (April 1829) wordt een begin van principiëele verandering bespeurd."

Twintig jaren oud, wees men Groen reeds aan als opvolger van Borger, die in 1820 overleed. Zijn begaafde en strenge vader was hier echter tegen, zoodat het niet geschiedde. Dat men hem deze eere waardig keurde, kan ons niet bevreemden, als wij weten, dat hij als student gold als de roem van Leidens hoogeschool. Hij sprak even vlug Grieksch als Latijn en zelfs van andere academie's kwam men over, om hem in deze beide talen met Fransche vlugheid stellingen te hooren verdedigen of bestrijden. Niemand minder dan Thorbecke heeft hem in dit opzicht den hoogsten lof toegezwaaid. In 1824 stierf zijn vriend en leermeester Kemper, hoogleeraar in het staats- en volkenrecht. Zijne benijders zorgden er evenwel voor, dat hij, die er haast als bij uitsluiting voor geschikt was, niet als opvolger werd benoemd.

Den 8 October 1827 werd Groen benoemd tot referendaris van het Kabinet des Konings. De Arehivex van Oranje werden hem ter uitgave toevertrouwd. Yan 1835—1861 gaf hij dit reuzenwerk uit. Hij huwde in 1827 met Elizabeth Maria Magdalena van der Hoop, die 8 jaren jonger was dan hij. lu 1828 werd hij staatsraad in buitengewoneu dienst. In datzelfde jaar vertrok hij als secretaris van het Kabinet des Konings, eeue tegen wil en dank hem opgedrongen betrekking, naar Brussel. Aldaar maakte hij kennis met den bekenden prediker en geschiedschrijver Merle d'Aubigné, die hem de reformatie leerde kennen en waardeeren, in tegenstelling met Brussel, dat hem een blik deed slaan in het woelen der revolutie en hem daardoor de omwentelingszucht leerde vreezen. Werd Merle d'Aubigné een zegen voor Groen, reeds eerder was hij ook voor Groens vrouw een gids ten eeuwigen leven geworden. Van zijn verblijf in Brussel getuigde Groen zelf in zijne Ned. Ged. -. «Uit den sleur van een gematigd liberalisme, waarin ik als geestverwant 's-Gravenhage

Sluiten