is toegevoegd aan uw favorieten.

Geschiedenis der wording en ontwikkeling van het Christelijk lager onderwijs in Nederland

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

over: «Oordeel zelf. Gij hebt ter toebereiding een instrument noodig. Slechts op één plaats ter wereld schuilt het. Maar niemand, zelfs niet de eigenaar weet, dat het er is, dat hij het heeft, dat het bestaat, en God brengt u, als tegen uw wil, ter plaatse, waar het ontdekt moet worden. Straks is het in uwe hand. Zoo dit geen voorzienig bestel mag heeten, wat is het dan ?" — Zijn arbeid aan zijne prijsvraag verkreeg door dit alles een voor hem gewijd en geheiligd karakter en de prijs werd door hem met glans gewonnen. Op denzelfden dag, waarop de theologische faculteit den arbeid van Dr. Kuyper inet goud bekroonde, vond de rechtsgeleerde faculteit aldaar reden een werk van Jhr. A. P. de Savornin Lobman eene eervolle vermelding waardig te keuren. De namen van deze beide bekwame mannen zouden later nog dikwijls te zamen genoemd worden.

Omstreeks dien tijd maakte de lezing van den bekenden roman van miss Yong, The Heir of Redclyffe, op Dr. K's, door het gebeurde te Haarlem reeds diep geschokten geest, een machtigen indruk.

Den 20 Sept. 1862 werd hij met een proefschrift: Joaniies Calvini et Joannes a Lasco de Ecclesia Sententiarum inter se compositio tot doctor in de theologie bevorderd. Inmiddels als candidaat tot den Heiligen dienst toegelaten, deed hij den 7 Aug. 1863 zijne intrede als Ned. Herv. pred. te Beesd, na in den echt te zijn verbonden met Mej. Johanna Schaay. Hoewel nog modern, was hij toch door het onderwijs van Scholten en door zijne studie van Calvijn en a Lasco met de gereformeerde theologie bekend geworden. Bovendien kwam hij te Beesd met Gereformeerden in aanraking, wier omgang en gesprekken hem ten rijken zegen werden. »Hun taaie volharding," schrijft hij in zijne Confidentie, »is mij de zegen voor mijn hart, het opgaan van de morgenster mijns levens geworden. Ik was wel gegrepen, maar had het woord der verzoening nog niet gevonden. Dat hebben zij mij gebracht met hun gebrekkige taal in den absoluten vorm, waarin mijne ziel alleen rust kan vinden." — Nu eerst begreep hij het: j>Calviju had eene kerk gesticht, en door den vasten kerkvorm zegen en vrede in de aantrekkelijke gemoederen weten te verspreiden over alle natiën van Europa en over zee in stad en vlek tot bij den arme en den man, die niets was."

Naar Utrecht beroepen, deed hij in die stad den 10 Nov. 1867 zijne intrede in de Domkerk met eene rede: »De menschwording Gods, het levensbeginsel der Kerk."