Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geen andere school bestond dan de openbare, mits die school inwaarheid neutraal was en niet eene secteschool der modernen, zooals zij op vele plaatsen was en nu nog meer dreigde te worden. Indien de geloovigen zich tegen getrouw schoolgaan zouden «verzetten," dan zou dat zijn grond outleenen niet aan »gemoedsbezwaren," maar aan den duidelijk gebleken toeleg, om te verkrijgen «eene maatschappij zonder godsdienst, eene Kerk zonder priesters, scholen zonder God, het volk, verlaagd tot het materialisme."

In de Standaard van 18 Maart 1878 werd over deze Memorie van Toelichting gezegd: »Xooit of nimmer is de vrije school zóó ruw en zóó hardnekkig aangepakt en op zóó barbaarsche manier de stoep afgedrongen als in dit koele, onbarmhartige, diep krenkende voorstuk."

Dit oordeel moge hard zijn, te hard was het voorzeker niet. Het wetsontwerp beoogde slechts het belang van een deel van het Nederlandsche volk ten koste van het andere en was dus onrechtvaardig. Bovendien veroorzaakte het, dat de onderwijskwestie in den vorm van politieke kwestie bestendigd werd. Kappeyne had in 1876 in de Tweede Kamer gezegd: »I)e minderheid moet onderdrukt worden, want zij is de vlieg, die de gansche zalf bederft, zij heeft in onze maatschappij geen recht van bestaan." In 1878 toonde hij, dat hij meende, wat hij toen zei.

HOOFDSTUK LV.

Voorbereidingen voor eene volksbeweging.

Evenals toen het wetsontwerp-Heemskerk het Chr. onderwijs bedreigde, werd ook nu weder door de Hoofdcommissie der Vereen, v. Chr. N. S. ons Christenvolk opgeroepen, om een algemeenen bedestond te houden, aan welke oproeping dan ook den 5 April in vele plaatsen werd voldaan. Door de heereu Jhr. Mr. M. M. van Asch van Wijck, Mr. JE. Baron Mackay, O. Baron van Wassenaer van Catwijck, Jhr. Mr. J. E. Cremer van der Berch van Heemstede, Mr. J. J. Teding van Berkhout, Mr. P. H. Saaymans Vader, Mr. M. Bichon van IJsselmonde en Jhr. J. L. de Jonge, allen anti-rev.

Sluiten