Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Mz. Tot directeur der school werd aangesteld de heer G. Van Bleek en in 1881 de heer P. H. Moora.

Om het volkspetitionnement inderdaad aan zijn naam te doen beantwoorden, waren in 1878 in alle plaatsen, waar het mogelijk bleek, locale comité's opgericht. De geestdrift, ontstaan tijdens de in waarheid grootsche volksbeweging, niet verloren te doen gaan; de uitnemende organisatie dier locale óomité's te behouden; de petitionnarissen vereeuigd te doen blijven om de sschool met den Bijbel", ziedaar het doel van de Unie, op den 23 Januari 1879 in de grijze bisschopsstad Utrecht tot stand gekomen.

Des voormiddags 12V2 ure van dien, in dubbelen zin, zoo gedenkwaardigen dag kwamen ongeveer negentig personen te zamen in het gebouw voor Kunsten en Wetenschappen te Utrecht. Jhr. Mr. A. F. de Savornin Lohman sprak, nadat de vergadering door Doe. M. Noordtzij met gebed en het zingen van Ps. 84 :3 geopend was, een woord van welkom tot de aanwezigen en zeide: «Toen voor 300 jaren de meest hachelijke omstandigheden deden vreezen, dat alles zou verloren gaan, toen zij, die aanvankelijk tegen Spanje waren, overliepen, waar het op handhaven van Gods Woord aankwam; toen een Alva, die alle Roomschen tot Geuzen zou hebben gemaakt, vervangen werd door een schijnbaar liberaal landvoogd, die alles toegaf, om slechts Gods Woord tegen te staan, toen besloten eenige weinige provinciën zich aaneen te sluiten en de Unie van Utrecht werd gesticht met het doel, gezamenlijk den gemeenschappelijken vijand te weerstaan.

«Over de Unie als grondwet mag men de schouders ophalen, als men ze legt naast de thans vigeerende, toch droeg de Unie twee eeuwen vracht, omdat elke provincie zich vrijelijk mocht bewegen en ontwikkelen.

»Wij zijn op dezen dag samengekomen om, waar wij in menig opzicht in tknzelfden toestand zijn, eene nieuwe Unie te stichten, die hetzelfde wil, wat de vorige bereikte: allen samenwerken en toch allen vrij."

Spreker wees er verder op: »De Unie vraagt geen rechtspersoonlijkheid aan, geene erkenning, dan alleen in het hart der natie," en deze betuiging werd, blijkens het verslag, door de aanwezigen met levendige blijken van instemming begroet.

Tot voorzitter der Unie werd gekozen Jhr. A. F. de Savornin

Sluiten