Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

was uitvoerig over de noodzakelijkheid gehandeld, om eenen Inspecteur aan te stellen, belast met het toezicht over het onderwijs aan de Chr. Xationale scholen. Ten slotte had die vergadering het Hoofdbestuur gemachtigd, een dergelijke betrekking in het leven te roepen. De meerderheid der leden van dat Hoofdbestuur had echter principiëele bezwaren tegen dat besluit, zoodat op de algem. verg. der vereen, v. C. N. 8., te Amsterdam den 1 Juni 1868 gehouden, door Ds. H. Pierson de volgende motie werd voorgesteld:

»De vergadering, van oordeel, dat de al of niet benoeming van een Inspecteur tot die gewichtige kwestiën behoort, waaromtrent aan de Hoofdcommissie geen mandaat kan gegeven worden tegen hare overtuiging in, en meenende, dat op de uitvoering van het besluit aan te dringen, de Vereeniging in gevaar zou brengen, trekt haar besluit van 1868 in." Deze motie werd met 51 tegen 5 stemmen aangenomen, terwijl 12 leden zich buiten stemming hielden.

Op de algemeene vergadering van 1 Juni 1871 had men besloten een fonds tot stand te brengen, tot het verleenen van voorschotten voor den aanbouw van lokalen en onderwijzerswoningen ten behoeve van Christelijke scholen. Wij hebben gezien, dat het den vrienden van het Chr. onderwijs werkelijk mocht gelukken, voor dat doel een tonne gouds bijeen te brengen. In 187!) was echter dat fonds uitgeput, zoodat op de algem. verg. v. C. X. S. in 1880 te Zwolle de heer J. Voorhoeve H.Czn. voorstelde, de Hoofdcommissie op te dragen, een nieuwe geldleening van f 100.000 te openen op dezelfde voorwaarden. Dit voorstel werd aangenomen. De Hoofdcommissie stelde echter eerst eene serie van f 50.000 ter inschrijving open, doch ze vond daarbij niet die medewerking, waarop ze, te oordeelen naar de warmte, waarmede het voorstel te Zwolle de goedkeuring der vergadering had mogen wegdragen, gemeend had te mogen rekenen, zoodat het beoogde en zoo nuttige doel slechts voor een gedeelte kon worden bereikt.

Den 19 Januari 1881 werd de heer J. Voorhoeve H.Czn. uit de strijdende tot de triomfeerende kerk overgebracht. In hem ging veel voor het Chr. ouderwijs verloren. Dat kon Rotterdam getuigen, maar ook de Vereen, v. C. N. S., welke hij van hare wording af zulk een warm hart toedroeg en met zijne gaven en krachten steunde. Niet weinig heeft hij gedaan aan het in 1872 tot stand gebrachte voorschottenfonds, waardoor de oprichting van menige school mogelijk werd. Hij was de ziel van het in 1873 opgerichte Anti-schoolwetver-

Sluiten