Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

a. szoolang het grootste deel van de kosten der openbare school,, mede door de wijze, waarop de meeste gemeentebesturen, in strijd met den geest der schoolwet, de schoolgeldheffing hebben geregeld, tenlaste komt van de gemeentekas, blijft er een ongewenschte rechtsongelijkheid bestaan tusschen diegenen, die het voor hen bruikbare onderwijs van gemeentewege ontvangen, en diegenen, die dit zeiven moeten bekostigen;

b. «lotsverbetering van de openbare onderwijzers is niet mogelijk, zonder de reeds te zwaar gedrukte gemeenten nog meer te belasten, terwijl ook het rijk die slechts ter harte kan nemen indien, ter wille van het in de wet opgenomen beginsel van rechtsgelijkheid, de bijdrage aan alle scholen wordt verhoogd;

c. »het blijkt meer en meer, dat vele openbare scholen onder de leiding komen van onderwijzers, wier beginselen door de ouders der aldaar schoolgaande kinderen worden afgekeurd, zonder dat iemand bij machte is, zoodanige onderwijzers te weren."

Volgens het rapport zouden deze grieven weggenomen kunnen worden door de toepassing der volgende conclusies, die op de Unievergadering van 16 April '95 met algemeene stemmen werden aangenomen.

»I)e gemeenten worden niet langer belast met de bekostiging deilagere school.

»Door het Rijk worde voor elke lagere school een vaste bijdrage uitgekeerd, te berekenen naar regelen, bij de wet vast te stellen, waarbij de tegenwoordige wet als leiddraad kan worden genomen, en naar zoodanigen maatstaf, dat de kosten van eene gewone, eenvoudig ingerichte lagere school worden gedekt, en rekening gehouden wordt met uitbreiding van leerstof en vermeerdering van het onderwijzend personeel.

»De uitkeering van die bijdrage worde, evenals thans, verbonden aan voorwaarden, die de inrichting van bet onderwijs vrijlaten en alleen strekken, om de besteding der rijksgelden voor het beoogde doel te verzekeren.

»Voor zoover de ingezetenen niet zeiven in hun onderwijs voorzien, treden in hnnne plaats de gemeentebesturen op. Hun worde de vrijheid verleend, het beheer hunner scholen over te dragen aan plaatselijke schoolcommissies, en voorts die scholen zóó in te richten» als het meest strookt met den geest der ouders van do schoolgaande

Sluiten