Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van deze beide werkjes in handen te geven. Aan onzen Hollandschen smaak, die zich in de laatste jaren meest naar Duitsche, vooral Oostenrijksche, modellen heeft gevormd, kunnen Engelsche naaldwerken, hoe keurig de teekening van het patroon ook in elkander moge zitten, hoe fraai de lijnen zich ook ontwikkelen, toch eigenlijk niet voldoen. Wij bewonderen in het Engelsche werk lijn en kleur; maar de technische uitvoering bevredigt ons niet. En het is niet geheel ten onrechte, dat wij zoo oordeelen. In haar fraai, uiterst lezenswaardig werk Needlework as an Art (pag. 392) schreef Lady Marian Alford zelve in 1886: „het is vreemd, dat het fraaie werk van het vaste „land zoo weinig invloed heeft gehad op onze Engelsche „school." Dat is dus reeds veertien jaren geleden, en nu nog bij het bezien der illustraties in de boekjes van Paulson Townsend en Lewis Day treft ons het gebrekkige, het onbeholpene der uitvoering, terwijl de ontwerpen toch meest zoo uitnemend fraai zijn.

Het was daarom een zeer gelukkig denkbeeld van de firma J. B. Wolters te Groningen, die mij de bewerking van dit boekje opdroeg, om de oorspronkelijke Engelsche illustraties alle te doen vervangen door afbeeldingen van fraai werk, afkomstig van Nederlandsche kunstverzamelingen en Nederlandsche vakscholen. Terwijl grondplan

en hoofdlijnen, zoo als die door Paulson Townsend en

1*

Sluiten