Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gekruist wordt, op de schaal van den gewonen kruissteek werken, zoo zoude hij te ijl zijn. Indien men hem zoo wil toepassen, moet men vooraf horizontale draden over het gaas spannen en den petit-point daar over heen werken.

De petit-point is een zeer bruikbare steek. Daar de werkdraad op de voorzijde der stof slechts éénen weefseldraad overspant, maar aan de achterzijde twee, ligt hij daar dubbel. De steken vormen dien ten gevolge een zeer dicht en vast geheel, dat, als men met wol gewerkt heeft, ijzersterk, bijna onverslijtelijk is. De petit-point is daarom vooral vroeger veel gebruikt voor de bekleeding van meubelen. Hij is op den achtergrond geraakt door het misbruik, dat men er in de vorige eeuw van maakte. Toen begon men hem te werken met zijde op fijn, wit, onafgedeeld zijden gaas en koos als patroon geheele voorstellingen. Niet alleen schermen en schutten werden zoo gewerkt, wat ten minste nog eeniger mate te verdedigen was; maar formeele schilderstukken, die, in eene lijst en achter glas gezet, aan den wand denzelfden dienst als plaatwerken moesten doen. Eene schilderij in petit-point is haast nog dwazer dan eene schilderij in mozaiëk. Borduursteken gelijken nu eenmaal in niets op de streken van het penseel; de vorm der scherven bij het mozaiëk en der blokjes bij den kruissteek blijft spreken en dat bederft de zaak.

De kussensteek bestaat uit diagonale lijnen van recht opstaande steken. Hij kan over vier draden gewerkt worden of over zes, twee aan twee gelijk of om en om verspringend. In den driehoek op onzen proeflap fig. 3 bedekt hij zes

draden van het gaas, zoodat bij ieder paar nieuwe steken

2*

Sluiten