Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

overbrengen van het patroon op de stof verloren is gegaan, waardoor zeer hinderlijke fouten ontstaan in wat, met eenige voorafgaande studie, een schoon stuk werk ware geweest.

Als men de plant in hare verschillende gedaanten wel en terdege kent, kan men overgaan tot de verdeeling van het vlak, dat men zal versieren en de plaatsing der hoofdmotieven. In een paneel moet het ontwerp een geheel vormen binnen de te vullen ruimte; het mag geen motief zijn, dat men in het oneindige kan herhalen en voortzetten. Zie wederom fig. 36 en ook fig. 37. De hoofdmotieven zijn onderling te verbinden door zuivere lijnen. Vooral drage men zorg voor eene trapsgewijze, duidelijke ontwikkeling van den eenen vorm uit den anderen, bij floraalornament altijd bedenkende, dat de plant groeit uit den wortel en dat iedere tak zich altijd in dunnere twijgen splitst, zoodat geene dikke stengels uit dunne mogen voortkomen.

Eerst dan komt de uitwerking der onderdeelen in aanmerking. Voor een altaarkleed bijvoorbeeld, en in het algemeen voor al wat op eenen afstand zal worden gezien, moet de behandeling breed en eenvoudig zijn. Als het een tafelkleed geldt, of een boekomslag, of den zoom van een gewaad, zaken, die men van nabij en in de hand beziet, kunnen de onderdeelen van het ornament fijner worden uitgewerkt, kunnen de bladvormen veelvoudig afgedeeld en scherp getand zijn, enz. De bloemen kunnen in een zelfde groepeering verschillend zijn van kleur en vorm om meer leven en afwisseling aan te brengen, al wordt de kleine compositie van bloem- en bladvormen op geregelde afstanden herhaald. Bij borduurwerk kan men vorm

Sluiten