Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dienden, tot doel. Macrobius en Athénéus hebben het verhaal der wellustige zeden van de Lydiërs geschreven, hetwelk door Pierre Dufour in de volgende bewoordingen weergegeven wordt: „Zij hadden in hunne legers een menigte danseressen en vrouwen, die muziek maakten, en bovendien wonderlijk bedreven waren in de kunst van den wellust. De muziek werd toen de prikkel tot losbandigheid, en er werd geen groote maaltijd gehouden, waarop dronkenschap en uitspattingen door de akkoorden der instrumenten, de ontuchtige zangen en de wulpsche dansen der lichtekooien niet uitgelokt werden. Dit schandelijk tooneel, dit voorspel van een breidelooze zwelgpartij, spaarden de oude Perzen zelfs niet aan de blikken hunner wettige vrouwen en dochters die op het feest ongesluierd en met bloemen getooid plaats namen. Verhit door den wijn, opgewekt door de muziek en overspannen door de wellustige pantomime der tooneelkunstenaressen verloren deze maagden, deze huismoeders weldra alle ingetogenheid, en met den beker in de hand namen zij de schandelijkste uitdagingen aan, wisselden of lokten die uit in tegenwoordigheid van haar vaders, mannen, broeders en kinderen. Leeftijd, geslacht en stand werden onder den invloed van een algemeenen roes dooreengemengd; de zangen, kreten en dansen namen toe. Een afschuwelijke wanorde maakte zich dan van de feestzaal meester, die een schandelijke dictérion werd. Het banket en de wulpsche entre-actes duurden, totdat de dageraad het licht der toortsen deed verbleeken en dat de gasten halfnaakt door elkander op hun zilveren en ivoren bedkoetsen in slaap vielen."

Herodotus heeft vrij lang uitgeweid over de wettige prostitutie der Lydiërs. Om de levenswijze hunner dochters te schilderen, heeft hij zich van woorden bediend, die voor

Sluiten